maandag 17 november 2014

Review: Öresund Space Collective - Music For Pogonologists (Space Rock Productions, 2014) ( Spacerock)

Öresund Space Collective is een spacerock band uit Öresund, Denemarken, die uit ongeveer 20 muzikanten bestaat en een muzikale mix maakt van improvisaties, funk, reggae, jazz en spacerock, wat betekent, dat geen enkel optreden hetzelfde klinkt en is sinds 2004 actief.
Leidende kracht achter de band is Scott Heller, alias Dr. Space, een Amerikaan, die naar Denemarken verhuisde.
De band is een collectief, dat regelmatig van bezetting wisselt, waarvan de leden hoofdzakelijk uit Kopenhagen, Denemarken en Malmö, Zweden komen en de vaste kern bestaat uit Scott Heller, alias Dr. Space - synthesizer en Mogens - synthesizer.
"Music For Pogonologists" is het 15e studio album van de band, die op deze uitgave bestaat uit: Nicklas Sorensen - sologitaar, Nickolas Hill - sologitaar, Pär Hallgren - basgitaar, Christian Clausen - basgitaar, Christoffer Brochmann - drums, Mogens Pedersen - synthesizer, Dr. Space - synthesizer en teksten en  Daniel Lars uit Amerika - sologitaar.
"Music For Pogonologists" is op 180 gram vinyl als 2LP in een gelimiteerde hand genummerde oplage van 500 stuks uitgebracht, waarvan er 200 stuks op zwart vinyl, 200 stuks op paars vinyl en 100 stuks op paars met blauwe en witte spikkels geperst zijn en bevat een A3 poster, terwijl de 2CD uitgave als digipack is uitgebracht met een poster van 24x12 cm en er eveneens een digitale download van verkrijgbaar is.
De nummers van 2LP en 2CD, die in april 2012 werden opgenomen en in 2014 gemixt door DR.Space, verschillen ook nog eens van elkaar en de 2CD uitgave bevat meer nummers, dan de 2LP uitgave, waarop 1 nummer staat, dat niet op de 2CD versie voorkomt.
Het hoesontwerp is gemaakt door Eetu Pellonpää en geïnspireerd door het boek "Poets Ranked By Beard Weight", dat door Upton Uxbridge Underwood geschreven is.

Het eerste nummer van de 2CD, waarop 8 nummers staan, heet "Beardlandia" en deze begint met een stuk gesproken tekst, dat ondersteund wordt door synthesizer klanken, waarna, na ongeveer 2 minuten, de rest van de band in valt en ik een schitterend progressief spacerock nummer te horen krijg, dat in een vrij hoog tempo gespeeld wordt.(luister naar dit nummer via de youtube link onder de recensie)
Daarna krijg ik 3 nummers te horen, die niet op de 2LP versie voor komen en de eerste daarvan heet "Ziggurat Of The Beards" en hierin laat ÖSC me genieten van een uptempo progressief rock nummer met spacerock invloeden, dat gevolgd wordt door "The Trichophantic Spire", waarin ik een vrij rustig progressief rock nummer hoor, dat enige spacerock invloeden heeft.
Dan speelt de band "Bearded Brothers" en laat me opnieuw een lekker in het gehoor klinkend uptempo spacerock nummer horen, waarin enkele uitstekende tempowisselingen zitten, die het nummer spannend houden, om het vervolgens rustig te eindigen.
Het laatste nummer van CD1 heet "Remnants of the Barbonaeum" en dit nummer, dat rustig en licht psychedelisch begint, wordt langzaam opgebouwd en hierin werkt de band naar een climax toe, om terug te keren naar het rustige tempo en vervolgens weer iets te versnellen voor de volgende climax, waarmee het nummer afgesloten wordt.
CD2 start net de volledige versie van "Music for Pogonologists (Darxtar)", waarvan slechts een gedeelte van op de LP versie staat en hierin schotelt de band me een geweldig stukje progressieve rock voor, waarin een licht hypnotiserend ritme zit en spacerock invloeden bevat.
Het nummer start traag, waarna het tempo rustig wordt opgevoerd, totdat de band vindt dat het voldoende vaart heeft, om dan in een langzamer tempo verder te gaan en dan opnieuw te versnellen en er meer spacerock invloed in te verwerken, zodat het nummer ontaardt in een fantastische stukje spacerock.
In "Barboconsciousness" krijg ik ook nu weer een rustig beginnend spacerock nummer te horen, dat een licht oosterd ritme heeft en ook hierin wordt het tempo opgevoerd totdat het een gemiddelde snelheid heeft, zodat er een heerlijk klinkend stukje spacerock ontstaat.
Het laatste nummer van de CD staat niet op de LP en heet "Portal of Pogonic Progress" en net als in de andere nummers, start de band in een langzaam tempo, dat gedurende het hele nummer vol gehouden wordt en luister ik naar een schitterend progressief spacerock nummer.
Vermeldenswaardig is nog, dat de LP versie en de digitale download het nummer "Bartischlag" bevat, dat niet op de CD voor komt en hierin laat de band me een rustig beginnend stukje psychedelische spacerock horen, dat na enkele minuten in een iets sneller tempo gespeeld wordt, waarna de band het tempo nog verder opvoert en er een schitterend progressief rock nummer uit voort vloeit en door er ruimtelijke geluiden aan toe te voegen verandert de muziek opnieuw en krijg ik een fantastische mix van progressieve rock en spacerock nummer te horen, die eindigt met rustige synthesizer klanken.

Öresund Space Collective heeft met "Music For Pogonologists" weer een puik stukje progressieve spacerock afgeleverd, waarvan de liefhebber ongetwijfeld zal smullen en ik kan iedereen, die van dit genre houdt, de CD en LP dan ook aanraden.




Review: Anima Morte - Upon Darkness Stains (Transubstans, 2014) (Symfonische Rock)

De Zweedse band Anima Morte, die in 2004 door Fredrik Klingwall werd opgericht en sinds 2007 CD’s uitbrengt, heeft een nieuwe CD, getiteld “Upon Darkness Stains”, hun 3e officiële release nadat hun debuut CD "Face In The Sea Of Darkness" 2 maal uitgebracht werd; de eerste maal in 2007 via Dead Beat Media en in 2011 via Transubstans, waarna in 2011 de CD "The Nightmare Becomes Reality" via hetzelfde Transubstans label verscheen.
De band speelt instrumentale progressieve rock, geïnspireerd door de klassieke Italiaanse horror soundtracks, die beroemd werden door bands en artiesten als Goblin, Fabio Frizzi en Ennio Morricone, maar ook door bands uit de jaren 70 zoals King Crimson, ELP en Rick Wakeman en natuurlijk spelen de mellotron, Hammond orgel en Moog synthesizer daarin een grote rol en hun muziek is een kruising van horror, symfonische en progressieve rock.
De band bestaat uit: Daniel Cannerfelt – gitaar, Fredrik Kingwall – keyboards, mellotron en Rhodes synthesizer, Stefan Granberg – bouzouki, basgitaar, gitaar en keyboards en Teddy Möller – drums.
OP hun nieuwe CD, "Upon Darkness Stains", waarop 12 nummers staan, spelen de gastmuzikanten Mattias Olsson (Änglagård, Necromonkey, Kaukasus), David Lundberg (Gösta Berlings Saga, Necromonkey) Ketil Einarsen (Kaukasus, White Willow), Jerk Wååg, Johan Klingwall mee.

Het album start met "Blessing Of The Dead", waarin de band me laat genieten van een schitterend rustig, maar dreigend, nummer, dat gevolgd wordt door "Illusion Is The Catalyst", dat een fantastische mix is van symfonische rock en hardrock en een dreigende uitstraling heeft mee gekregen.
Daarna krijg ik "Ephemeris" te horen en ook in dit heerlijke nummer, laat de band me een lekker in het gehoor klinkend symfonisch stukje rock horen, dat ook nu weer een licht dreigend ritme bevat.
Het volgende nummer heet "Fear Will Pass Over Your Mind" en hierin hoor ik Anima Morte, in een gemiddeld tempo, een vrij duister stukje symfonische rock spelen, dat gevolgd wordt door "Wakeless", een uitstekend symfonisch werkje, waarin opnieuw een licht dreigende ondertoon zit.
In "Interruption" krijg ik een heerlijk rustig duister nummer te horen en in "The Darkest Pattern" schotelt de band me een geweldig lekker klinkend symfonisch nummer voor (luister naar dit nummer via de youtube link onder de recensie), waarna ik "The Carrion Crow" hoor en hierin laat de band me genieten van een schitterend stukje symfonische rock met folkrock invloeden, waarin een licht hypnotiserend ritme zit, waarbij het onmogelijk is stil te blijven zitten.
Vervolgens hoor ik "Echoing The Red", waarin de band opnieuw een heerlijk swingend symfonisch rock nummer speelt met lichte horror invloeden en in het volgende nummer, dat "Isomorphia" heet, laat de band me ook nu weer een fantastisch stukje symfonische rock horen.
"First Snow On The Last Ashes" wordt in een rustig tempo gespeeld, dat, net als de andere nummers, een lichte dreiging bevat en zou uit een horror film kunnen komen en het laatste nummer van de CD "Halls Of Death", waarin enkele uitstekende tempowisselingen zitten, bevat licht klassieke invloeden.

Anima Morte heeft me met "Upon Darkness Stains" opnieuw weten te overtuigen van hun kwaliteiten, door een schitterend album af te leveren, dat vol staat met fantastische symfonische rock en een aanrader is voor liefhebbers van dit genre.




Review: The Bloodhounds - Let Loose! (Alive Natural Sound Records, 2014) (Rhythm & Blues)

The Bloodhounds is een band uit Los Angeles en bestaat uit: Aaron "Little Rock" Piedraita - slaggitaar, akoestische gitaar en zang, Branden Santos - sologitaar, akoestische en slide gitaar, mondharmonica en zang, Johnny Santana - basgitaar, banjo, mondharmonica en zang en Mark Schafler - drums, wasbord, percussie, mondharmonica, kazoo en zang.
Op de CD "Let Loose!" spelen Alex "JM" Galvan - vleugel, orgel en honky tonk piano, Levi Alvarez - basgitaar en staande bas en Arthur Alexander - klassieke, 12 snarige en dobro gitaar, basgitaar, piano en Hammond orgel als gastmuzikanten mee, terwijl laatstgenoemde tevens de opnames en productie van het album deed.

Het debuut album "Let Loose!", dat via het Alive Natural Sound Records label is uitgebracht op CD, als gelimiteerde gekleurd vinyl uitgave en via I-tunes, bevat 12 nummers, waarvan "Indian Highway" de eerste is en hierin hoor ik de band een lekker in het gehoor klinkende swingende rhythm & blues song spelen, waarin de sound veel overeenkomsten heeft met het oude Rolling Stones werk.
Daarna krijg ik een snelle mix van rock & roll en bluesrock song te horen, getiteld "Wild Little Rider" en deze swingt als een trein, waarna ik "Saint Dee"
hoor en ook daarin speelt de band hun rhythm & blues in een lekker swingend ritme, waarbij het moeilijk is stil te blijven zitten.
In "Dusty Bibles & Silver Spoons" laat de band me genieten van een heerlijke jug song (luister naar dit nummer via de soundcloud link onder de recensie), die gevolgd wordt door "Crackin" Up", een uitstekende cover van deze song, waarin de band weer als The Rolling Stones klinkt, die dit nummer eveneens op hun repertoire had staan.
Met "The Call 'M The LSC" gaat de band verder met het maken van schitterende rhythm & blues, die me in beweging houd en waarin een fantastische slide gitaar te horen is en in "The Wolf" laat de band me genieten van een rustig gespeelde bluesrock song, die halverwege over gaat in een sneller tempo, om even later terug te keren naar het rustige tempo en ook hierin is de invloed van The Rolling Stones goed hoorbaar.
Vervolgens krijg ik "Hey Lonnie" te horen, waarin de band me verrast met een vrolijke jug song, waarin de honky tonk piano een belangrijke rol speelt en deze wordt gevolgd door "Security", een prima cover van een Otis Redding song, waar een aanstekelijk swingend ritme in zit.
Dan hoor ik "Try A Little Reefer" en ook dit is een fantastische swingende rhythm & blues song, die in een uptempo gespeeld wordt en gevolgd wordt door "Olderbudweiser", een aanstekelijke jug song, waarbij het onmogelijk is stil te blijven zitten .
In het laatste nummer, dat "Bottle Cap Blues" heet, laat de band me opnieuw genieten van een geweldige swingende bluesrock song en ook hierin klinkt de zang als die van Mick Jagger in zijn jonge jaren.

The Bloodhounds heeft met hun debuut LP/CD een heerlijke rhythm & blues plaat weten te maken, die vol staat met swingende songs, die me het idee gaven terug in de jaren 60 te zijn en ik kan deze dan ook voor de volle honderd procent aanraden aan liefhebbers van zowel blues, rhythm & blues en sixties muziek.




Review: Moorder - Moorder II (Lizard Records, 2014) (Progressieve Jazz)

De Italiaanse band Moorder, die te Cento werd opgericht, maakte hun debuut album "Moorder", dat door het Eclectic Polpo label in 2008 werd uitgebracht.
Moorder bestaat uit: Alessandro Lamborghini - sologitaar, Michele Zanni - basgitaar, Daniel Dencs Csaba - drums, Alberto Danielli - tuba en Simone Pederzoli - trombone.
Op hun nieuwe album "II", dat door het Eclectic Polpo / Lizard Records label is uitgebracht, is de basgitaar overgenomen door Luca Cotti.

Het eerste nummer van het album, dat 12 nummers bevat, heet "Jesus Zombies Crew" en hierin laat de band me, na een heftig begin, een lekker swingend stukje progressieve jazz horen, dat in uptempo gespeeld wordt en gevolgd wordt door "Flat Kick", waarin ik eveneens een uitstekende mix van progressieve rock en jazz te horen krijg.
Daarna laat de band me genieten van "Disco In Ferro", een mix van disco, jazz en progressieve rock, waarin diverse tempowisselingen zitten, gevolgd door "Pipum" en hierin laat de band me een swingend progressief rock nummer horen, dat tot halverwege door drums en basgitaar gedomineerd wordt, waarna de blazers het over nemen en hun stempel op het nummer drukken.
Dan volgt "Moztri", dat vrij rustig begint, maar al snel verandert het tempo en krijg ik een prima swingend progressief uptempo rock nummer te horen (luister naar dit nummer via de youtube link onder de recensie), waarna ik "Afro Bones" hoor en in dit nummer schotelt de band me een fantastisch swingend jazzrock nummer met progressieve rock invloeden voor en in "Fiscia" krijg ik een rustig stukje jazz te horen, dat langzaam sneller wordt en afgesloten wordt met een stukje free jazz.
Vervolgens speelt de band "Omocodia On Square" en daarin laat Moorder me genieten van een swingende mix van jazz en progressieve rock met disco invloeden en met "Firecrap" laat de band me een geweldige mix van funk, jazz en progressieve rock horen, waarin het tempo wisselend is.
In "Abcd" hoor ik de band een lekker in het gehoor klinkende mix van jazz en progressieve rock spelen, waarin een korte drumsolo zit en in "Mini Spiders" speelt de band een, vrij rustig beginnend nummer, dat steeds sneller wordt en swingt als een trein, waarna het laatste nummer volgt, getiteld "Beef Ice" en hierin krijg ik een heerlijk swingend jazzrock nummer te horen met een licht hypnotiserend ritme.

Moorder heeft met "Moorder II" een uitstekend album afgeleverd, dat bij liefhebbers van progressieve jazz zeker zal aanslaan en ik kan de liefhebber dan ook aanraden, dit prima album eens te gaan beluisteren.




maandag 10 november 2014

Review: Various Artists - Postcards From The Deep (Fruits De Mer, 2014) (Beat)

Op de verzamel box "Postcards From The Deep", die in een zeer gelimiteerde oplage van 700 stuks wereldwijd is uitgebracht, staan 10 nummers van 10 verschillende Britse bands en zijn bijna allemaal covers van bands uit de jaren zestig.
De nummers, die eerder verschenen op 10 7" flexi's, zijn nu in een box uitgebracht, die behalve de 10 7" doorzichtige flexi's ook 10 schitterende vierkante gekleurde ansichtkaarten (gemaakt door Mick Dillingham), een poster en een CD bevat.

De CD start met de garagerock song "Psychotic Reaction" van The Count Five, dat hier door The Luck Of Eden Hall uitgevoerd wordt en deze versie doet niet onder voor het origineel, hoewel ik hem iets minder ruig vind klinken.
Daarna krijg ik "Celestial Empire" van The Loons te horen, waarvan het origineel van Dragonfly uit Nederland komt en ook dit nummer is een schitterende uptempo garagerock versie van het nummer en wordt gevolgd door "I'm A Living Sickness", een fantastische psychedelische song van The Crawlin' Hex, die het origineel van Calico Wall hiermee eer aandoen.
The Thanes spelen een geweldige instrumentale uitvoering van de Pretty Things cover "LSD" en de psychedelische spacerock song "Time Machine" van Satori wordt door The Blue Giant Zeta Puppies op vakkundige wijze ten gehore gebracht. (luister naar een gedeelte van dit nummer via de youtube link onder de recensie)
In het nummer "Soul Fiction", dat oorspronkelijk door The Hippies gespeeld werd, laten The Past Tense me een fantastische instrumentale uptempo mix van garagerock en soul horen en in "Take A Heart" van The Sorrows, die door The Schizo Fun Addict wordt uitgevoerd, hoor ik een moderne psychedelische versie van deze song, die new wave invloeden bevat.
Dan krijg ik de uitvoering van Dana Gillespie's (door Donovan geschreven) "You Just Gotta Know My Mind" voorgeschoteld door Crystal Jacqueline en ook dit is een heerlijk swingende rock song, waarbij stil zitten geen optie is.
Brainticket bracht in 1971 het krautrock nummer "Brainticket" uit en Astralasia heeft dit nummer bewerkt tot een swingend licht psychedelisch progressief rock nummer met jazz invloeden, terwijl Icarus Peel me met zijn uitvoering van Laurie Johnson's "The Avengers' Theme" een geweldig swingend psychedelisch progressief instrumentaal nummer laat horen, die veel ruiger dan het origineel klinkt, maar toch herkenbaar blijft.

"Postcards From The Deep" is een geweldige CD, die vol staat met fantastische covers uit de sixties en de uitvoeringen door de bands, van deze tijd, klinken anno 2014 nog net zo sterk als de originelen uit de jaren zestig en ik kan deze box met toebehoren dan ook voor 100% aanraden aan liefhebbers van dit genre.




Review: Gravmaskin - Vol.1 (Electric Assault/Sound of Cobra/De:nihil, 2014) (Melodische Rock)

De Zweedse band Gravmaskin werd in 2012 te Uppsala opgericht en bestaat uit: Lukas Häger - sologitaar, Sofia Rydahl - keyboards en Mikal Stryke - drums.
Mikal en Sofia speelden eerder samen in de progressieve rock band Klotet en meer recentelijk in Häxhammaren, terwijl Lukas deel uit maakte van de psychedelische black metal band Reveal en de underground band No Future.
De band nam hun debuut album "Vol. 1", dat in Europa door Sound Of Cobra en in Amerika door Electric Assault is uitgebracht, in de zomer van 2013 in slechts 3 dagen op.

"Vol.1" bevat 6 nummers, waarvan de eerste "Sultans Of Speed" heet en hierin krijg ik een heerlijke instrumentale melodische mix van hardrock, krautrock en psychedelische rock te horen, die swingt als een trein en in een zeer dansbaar ritme gespeeld wordt. (luister naar dit nummer via de youtube link onder de recensie)
Daarna hoor ik "Roadkill Or Carpet", waarin de band vrij experimenteel begint, maar dan over schakelt naar een lekker in het gehoor klinkend melodisch nummer met een licht hypnotiserend ritme.
Dan laat de band me genieten van "Locomotion", dat psychedelisch start en over gaat in een dansbaar stukje progressieve rock met een hypnotiserend ritme en gevolgd wordt door "Fake Blood", waarin de band me een schitterend rustig melodisch nummer voorschotelt, dat in de stijl van bands als Goblin en Anima Morte gespeeld wordt en een lichtelijk duister ritme bevat, waardoor het enigszins dreigend over komt.
Vervolgens hoor ik "Ghosts In The Gas Tank" en hierin wordt de muziek in een hogere versnelling gespeeld en krijg ik een swingend melodisch nummer te horen, waarin surf invloeden hoorbaar zijn.
Het laatste nummer van het album heet "Only Corpses And Funes" en ook dit bevat lichte surf invloeden, maar heeft tevens hardrock en symfonische rock invloeden en wordt in een gemiddeld tempo gespeeld.

Het debuut album "Vol. 1" van Gravmaskin staat vol lekkere swingende nummers en is een genot om naar te luisteren en ik kan dit album dan ook van harte aanbevelen aan een ieder die van instrumentale hardrock, melodische rock en surf houdt.




Review: Faust - Just Us (Bureau B Records, 2014) (Experimenteel)

De Duitse band Faust werd in 1969 te Wümme opgericht, doordat Hans Joachim Irmler - keyboards, Werner "Zappi" Diermaier - drums en Arnold Meifert - percussie, gingen samen spelen met Nukleus leden Rudolf Sosna - sologitaar, Jean Herve` Peron - basgitaar en Gunter Wuesthoff - saxofoon.
Geholpen door journalist en producer Uwe Nettelbeck zetten ze vlak bij Wümme een studio op en begonnen daar opnames te maken voor hun debuut LP "Faust", die in 1971 op doorzichtig vinyl in een doorzichtige hoes verscheen, waardoor de band een trouwe aanhang kreeg en Faust één van de belangrijkste krautrock bands van de jaren 70 werd.
Vervolgens verschenen "Faust So Far" (1972), "The Faust Tapes" (1973), "Outside the Dream Syndicate" (1973) (samenwerking met Tony Conrad), "Faust IV" (1974) en "Faust 5" (1975) (een promo cassette van Virgin Records) voor de band uit elkaar ging in 1975.
Tussen 1970 en 1973 speelde Faust mee op de eerste 2 albums van de band Slapp Happy ("Sort Of" en "Acnalbasac Noom"), waarin Perter Blegvad speelde, die met Faust in Wümme had gespeeld en met hen door Engeland had getoerd, terwijl beide LP's geproduceerd werden door Uwe Nettelbeck.
Daarna werden de albums "71 Minutes of Faust" (1979), de compilatie met niet eerder verschenen werk "Munich and Elsewhere" (1987) en "The Last LP" (1988) (ook bekend als The Faust Party No.3 met muziek uit de periode 1971-1972) uitgebracht.
Begin jaren 90 werd Faust nieuw leven ingeblazen door Irmler, Diermaier en Peron en toerde voor het eerst door Amerika, waarna in 1995 hun nieuwe album "Rien" werd uitgebracht, gevolgd door: "You Know FaUSt" (1996), "Faust Wakes Nosferatu" (1998) (de CD en vinyleditie bevatten totaal andere muziek!), "Ravvivando" (1999), "Patchwork" (2002), "Derbe Respect, Adler" (2004) (samenwerking met Dälek), "Outside the Dream Syndicate - Alive" (2005) (samenwerking met Tony Conrad), "Collectif Met(z)" (2005) (3CD box + video CD), "Nobody Knows if it Ever Happened" (2007) (DVD), "... In Autumn" (2007) (3CD box + 1 DVD), "Trial and Error" (2007) (DVD), "Disconnected" (2007) (studioalbum met Nurse with Wound) en "C'est Com...Com...Compliqué" (2009).
Verder verschenen diverse live albums en compilaties, waaronder: "Faust Concerts, Volume 1: Live in Hamburg, 1990" (1994), "Faust Concerts, Volume 2: Live in London, 1992" (1994), "BBC Sessions/Kisses for Pythagoras" (Limited Edition LP, 1996), "Untitled" (1996) (compilatie met live en studiowerk), "Edinburgh 1997" (live, 1997), "Faust/Faust So Far" (2000), "The Wumme Years: 1970-1973" (2000),  "Land of Ukko & Rauni" (live, 2000), "Freispiel" (2002) (remixen van Ravviviando), "BBC Sessions +" (2001), "Patchwork 1971-2002" (2004), "Impressions" (DVD, 2006) en "Od Serca Do Duszy" (2CD, 2007) plus de split single "Überschall 1996" (1996) met Stereolab en Foetus.
OP hun nieuwe CD "Just Us", waarop 12 nummers staan, uitgebracht door Bureau B, bestaat Faust alleen nog maar uit Diermaier en Peron.

De CD start met "Gerubelt" en hierin hoor ik de band in een eentonig, op basgitaar gespeeld ritme beginnen, waar de drums tussen door speelt, om na bijna 2 minuten over te gaan in een heftig stukje rock, waarin het bas ritme constant blijft, maar ook de sologitaar gebruikt wordt. 
Daarna krijg ik "80Hz" te horen en hierin speelt de band een spannend experimenteel nummer op bas, keyboards en drums, dat me doet denken aan de beginperiode van de band en gevolgd wordt door "Sur Le Ventre", waarin ik een lekker in het gehoor klinkende hypnotiserende krautrock song met Franstalige tekst te horen krijg. (luister naar een gedeelte van dit nummer via de soundcloud link onder de recensie)
Dan hoor ik "Cavaquiñho", een opgewekt kort folkloristisch nummer, dat precies 1 minuut duurt en gevolgd wordt door "Gammes" en hierin laat Faust me een schitterend licht experimenteel stukje muziek horen, waarin het tempo tot halverwege langzaam opgeschroefd wordt, om dan terug te keren naar het rustige begin om opnieuw het tempo te kunnen opvoeren.
In "Nähmachine" krijg ik het eentonige geluid van een naaimachine te horen, dat begeleid wordt door de drums, waarna de band besluit de naaimachine het laatste stuk van het nummer af te laten sluiten in een steeds sneller tempo.
Vervolgens schotelt de band me "Nur Nous" voor en dit nummer begint erg traag met drum en piano klanken, om over te gaan in een chaotisch gespeeld experimenteel geheel.
"Palpitations" start met een eentonige brom, waar tussen door subtiele gitaar en viool en experimentele drums geluiden te horen zijn, maar ook machines ontbreken hier niet , wat voor een spannend geheel zorgt.
Met "Der Kaffee Kocht" laat Faust me een nummer horen, waarin het idee krijg naar het ritmische geluid van een zaag te luisteren, die op een bepaalde manier gebruikt wordt om dat effect op te roepen en in "Eeeeeh..." krijg ik een kort nummer te horen met drums en basgitaar, waartussen saxofoon gespeeld wordt en de klank eeeeeh. zit.
Daarna hoor ik "Ich Bin Ein Pavian" en ook dit is een vrij experimenteel nummer met licht hypnotiserend drums ritme, waarin de tekst gedeclareerd wordt en in het laatste nummer "Ich Sitze Immer Noch" laat de band me ingetogen gitaarspel horen, dat door rustig drumspel ondersteund wordt en afgesloten wordt door het geluid van regen.

Faust heeft met "Just Us" opnieuw bewezen, nog lang niet afgeschreven te zijn en voor de liefhebber, die dit experiment aan durft te gaan, heb ik maar één ding te zeggen en dat is: geniet ervan!